Een rij laanbomen kan leiden tot 25% reductie van de stofconcentratie (Khan & Abbasi, 2001).
Een groene gordel van 500 m breedte, ontwikkeld langs een petroleumraffinaderij in West-India, gaf aanleiding tot een reductie van de stofconcentratie met 37% (Rao et al., 2004).
De luchtkwaliteit verbetert als er meer bos is. In een bos kan de luchtkwaliteit op korte termijn 13% minder fijn stof aanwezig zijn (Nowak & Crane, 2000).
Eén stadsboom kan een hoeveelheid stikstofoxiden en fijn stof vastleggen gelijk aan de productie veroorzaakt door ca. 10.000 autokilometers (Alterra, 2006).
Vandaag de dag krijgen bebossings- en vergroeningsmaatregelen nauwelijks de aandacht die ze verdienen in het debat over de luchtproblematiek. En dit terwijl groen, in zijn allerbreedste context - van groendaken en muurbegroeiingen tot bomenrijen en stadsbossen - een primaire en belangrijke producent is van schone lucht. De Vereniging voor Bos in Vlaanderen pleit dan ook sterk voor een vergroening van onze woonkernen, door voldoende bos en natuur te voorzien in en om de stad en de dorpskern. Vaak worden groenvoorzieningen gezien als ruimtevreters en hoge uitgavenposten. Nochtans is de aanwezigheid van fijn stof ook een zeer dure zaak: jaarlijks zou fijn stof in Vlaanderen 1 miljard euro kosten aan de gemeenschap. Recent Nederlands onderzoek vergelijkt de huidig fijn stof-concentraties met de pestepidemie in de 19de eeuw: toen werden grootschalige rioleringswerken aangevat om de sanitaire toestand van de woonkernen te verbeteren. Om de hoge maatschappelijke kosten van fijn stof tegen te gaan, is het hoog tijd om groen in en rondom de bebouwde kom hoog op de maatschappelijke agenda te zetten. De Vereniging voor Bos in Vlaanderen schuift extra groenvoorzieningen en een versnelde realisatie van (stads)bossen hier niet naar voren als dé oplossing van het luchtvervuilingsprobleem, maar wel als een belangrijk én kostenefficiënt onderdeel ervan. We pleiten dan ook voor een ‘groennorm’ per gemeente in dit kader, bindende richtlijnen die garant staan voor een voldoende aandeel groene oppervlakte bij de verdere ontwikkeling van het verstedelijkt gebied.