23-01-11

De ideale stad

5640_toparticlephoto_1_1_1_1_1_1_1_1.jpg

In de Knack van 19 januari 2011, onder de titel ' de stad wordt groen ', vond ik ergens een passage van de hand Peter Thoelen,directeur van het Vlaams Instituut voor Bio-ecologisch Bouwen en Wonen in een online publicatie van Ecopolis, waarin de ideale stad wordt ' vormgegeven '.

' De ideale stad is natuurlijk de stad die licht is, waar u een diversiteit aan gebouwen en kleure kunt zien, waar kinderen speelplekken en ouderen rustplaatsen hebben, waar u rustig kunt flaneren en fietsen in aangename en veilige straten, waar u nog natuur - stadsnatuur - kunt aantreffen, waar planten, vogels en kleinere dieren een plaats hebben, waar u op gezellige terrasjes in een gezonde omgeving kunt genieten van de zon, waar u alle mogelijkheden die een stad te bieden heeft geconcentreerd aantreft, waar eeb bloeiende lokale economie leeft, waar een rijk aanbod aan cultuur en ontspanning is, maar waar u en uw kinderen ook op wandel- en fietsafstand de echte natuur kunt beleven, waar u gemakkelijk met het openbare vervoer op de meest belangrijke plaatsen raakt, waar u op eendere welk moment van de dag of nacht eender waar kunt lopen, zonder u zorgen te maken. '

' De ideale stad is en zogenaamde lobbenstad, waarin concentraties bewoning afwisselen met groen en blauw, met parken en vijvers, met door bomen omzoomde straten, pleintjes en propere grachten.'

In dit artikel wordt verder nog toegelicht hoe belangrijk steden zijn en nog meer zullen worden, met zijn voor- en ( ook enkele ) nadelen. 

Rond 2008 leefden wereldwijd meer dan 50 % in de steden, in 2009 zou dat al meer dan 55 % zijn en tegen 2030 verwacht men meer dan 60 % bewoners in metropolen, krachtige sociale en economische magneten.  

Problemen : lucht- en watervervuiling, armoedige sloppenwijken, geweld en epidemieën. Minder beweging door kinderen en volwassenen. Daartegenover staat dat sommige van deze problemen kunnen aangepakt en zelfs geneutraliseerd worden door maatregelen ten gunste.

Opportuniteiten en voordelen : Gunstig voor het milieu omdat er slechts 3 % van het beschikbare land wordt ' ingenomen', natuurlijke hergrassing en vooral herbebossing, meestal hogere verdiensten en een onafhankelijker job in de stad dan elders, betere scholing, efficiëntere want meer geconcentreerde strijd tegen de armoede vooral in landen met een grote oppervlakte, verkleinen van de ecologische voetafdruk oa door gezamenlijk gebruik van energie door gezamenlijke en grote investeringen alsook minder verplaatsingen. Daarom ook dat de steden en drukbewoonde agglomeraties in de vuurlijn kunnen staan als het gaat over de strijd tegen de opwarming en ontregeling van aarde en klimaat. De wereld is te groot en het platteland te klein. Beslissingen zouden sneller kunnen genomen worden op dit niveau zoals over verbeterde waterafvoer, gebruik van groendaken, aanleg van parken en ander groen, openleggen van riolen en omvormen tot echte dus propere stromen, rivieren, grachten, beken, etc. Efficiënter recycleren van afval, optimaliseren van energie- en watervebruik.

Kortom : in steden is een ideale mix van groen, blauw en bebouwing mogelijk.    

Hvandeker : Natuurlijk is dit een droombeeld, iets om na te streven, iets dat nooit overal zal bereikt worden en misschien zelfs slechts hier en daar.  Maar mag er niet meer gedroomd worden, mag er niets meer nagestreefd worden ? Mensen die er mee bezig zijn en er iets van kennen , vinden van wel. En die groep groeit hopelijk. Daarbij komt dat hoe aantrekkelijker de steden worden, ook het platteland terug echt platteland wordt en geen deel meer uitmaken van zogenaamde overgangsgebieden waar dan alle minder goede eigenschappen terug samenkomen. En de inspanningen van de steden en van het platteland opnieuw ' neutraliseren '. De ideale stad zal m.i. kunnen gerealiseerd worden door gedreven burgers, ieder in zijn of haar discipline en gesteund door de overheden op alle niveaus. De hamvraag hierbij is : is deze ideale bundeling van ' positieve krachten ' een nog grotere droom dan de ideale stad ?

  

17-05-07

VERVUILING BINNENLUCHT ( DUS OOK BIJ JOU ) ALARMEREND

Dit stond te lezen in De Streekkrant regio Antwerpen van vandaag 17 tot 23 mei 2007: " De kwaliteit van binnenlucht is slechter dan gedacht. Dat blijkt uit het onderzoek FLIES ( Flanders Indoor Exposure Survey, hvandeker vrij vertaald : Onderzoek naar de risico's binnenshuis in Vlaanderen ) in opdracht van de Vlaamse Overheid. De concentratie TVOS ( Totaal vluchtige organische stoffen) is op bijna alle meetlocaties hoger dan de richtwaarde van het Vlaamse Binnenmilieubesluit.

 

Hvandeker : Meten is weten. Er werd gemeten en we weten het nu. Het is zeer erg. En wat doet de Vlaamse Overheid ? Mochten we dat nog eens te weten komen, dat zou pas tot de betere journalistiek behoren. Ik zal het zelf eens wat verder uitzoeken.

 

narnia2

 

Gevonden via Google, uit Het Laatste Nieuws dd 14 mei 2007 .

MEER INFORMATIE OVER DE RESULTATEN VAN DEZE STUDIE.

 

 

BINNENLUCHTKWALITEIT

" Onlangs raakten de eerste resultaten van de research rond het FLIES-project (Flanders Indoor Exposure Survey Project) bekend. De vaststellingen, die de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) bestempelde als ‘verontrustend’, kwamen gisteren uitgebreid onder de aandacht in de pers.

VIBE vzw stelt het werk dat VITO in dit onderzoek investeerde zeer op prijs, maar is niet verwonderd over de resultaten. ‘We zijn blij dat een toonaangevend instituut zoals VITO nu op een wetenschappelijke manier aantoont dat er in Vlaanderen een zorgwekkend probleem van binnenhuisvervuiling is’, zo zegt VIBE-bestuurder Peter Thoelen. ‘In het verleden werd ook al aangetoond dat er een probleem is. Dat de binnenhuisvervuiling vaak erger is dan de vervuiling in de buitenlucht, zelfs in steden, was ons ook al bekend.’

Verluchten?

Steeds vaker wordt gesteld dat onze huizen beter geventileerd moeten worden. Dat wordt nu ook wettelijk verplicht, via de Vlaamse EPB-norm (EnergiePrestatie en Binnenklimaat). ‘Natuurlijk is dit nodig’, zegt Peter Thoelen, ‘maar het zal niet volstaan. Om te beginnen zitten we met een overgrote meerderheid van bestaande gebouwen die geen automatisch of continu ventilatiesysteem hebben. Daar wordt dus maar beperkt verlucht, bijvoorbeeld door één of een paar keer per dag de ramen open of op een kier te zetten. Of dat ook in de winter regelmatig gebeurt, is uiterst twijfelachtig’. Om tips te geven over verluchting zonder ventilatiesysteem, schreef VIBE vzw richtlijnen in opdracht van het Brussels Gewest. Die verschijnen op de website van het Brussels instituut voor Milieubeheer (BIM). Op het einde van dit jaar zal VIBE vzw hierover ook een gedrukte handleiding schrijven.

VIBE vzw betwijfelt echter of ventileren voldoende is om gevaarlijke en andere ongezonde stoffen uit de binnenlucht te halen. Peter Thoelen: ‘In Duitsland en Oostenrijk staat men wat betreft regelgeving, experimenten en metingen inzake binnenlucht veel verder. De meetgegevens die we daar halen, laten een nog veel verontrustender beeld zien: zelfs met een aantal ‘gezond’ genoemde bouwmaterialen, is er nog binnenhuisvervuiling, bijvoorbeeld in de vorm van vluchtige organische stoffen. Bovendien zijn er duidelijk aanwijzingen dat ventileren alleen niet genoeg is om de binnenlucht gezond te maken. Dat is ook logisch: waarom zou je eerst een probleem creëren (door ongezonde stoffen in huis te brengen) en dat daarna trachten op te lossen door een mechanisch trucje zoals ventilatie?’

Natureplus

VIBE vzw ziet veel meer heil in een preventieve aanpak: gebruik in huis geen producten meer waarin ongezonde stoffen zitten. Het gaat dan over poets- en onderhoudsproducten, cosmetica, maar ook bouwmaterialen, afwerkingsmaterialen en meubilair. Duitse metingen wijzen er immers op dat ventileren het probleem nog kan verergeren. Hoe dit juist in z’n werk gaat is nog niet helemaal bekend, maar men zoekt de verklaring in het feit dat continu ventileren de vluchtige organische stoffen juist meer onttrekt aan de materialen waar ze in zitten.

Peter Thoelen: ‘Gebruik maken van natuurlijke bouwmaterialen met een goede gezondheidsscore zal wél een wezenlijke bijdrage leveren om deze problematiek op te lossen’. Intussen is er op Europees niveau een label op de markt dat niet alleen de milieu-impact van bouwmaterialen beoordeelt, maar ook op vlak van gezondheid zeer strenge waardes hanteert. Het label heet natureplus. Metingen in de Duitse ‘ecostad’ Freiburg hebben intussen aangetoond dat gebouwen die met deze materialen gebouwd zijn, zelfs voor de meest allergische en gevoelige mensen een gezonde woonomgeving kunnen bieden.

Database

Op basis van haar ervaringen heeft VIBE vzw een erkennings- en labelingsysteem opgezet voor architecten, aannemers, handelaars en producenten in de ecologische bouwsector. De contactgegevens van de erkende en gelabelde ‘VIBE-bouwpartners’, vindt u samen met de door natureplus gelabelde bouwmaterialen en informatie rond energiezuinige technieken e.d. terug op de website van VIBE vzw www.vibe.be

en zoeken naar databank). "

 

Hvandeker : een geruststelling. We kunnen als we dat willen zelf ook heel veel doen door gewoon na te denken. Gezond verstand lost soms heel wat problemen op. En de " databanken " kunnen ons ook helpen te voorkomen ( beter dan genezen ).