02-02-08

Leven onze politici op een andere planeet ?

co2vraagteken

Alma De Walsche, medewerkster van MO , ventileert in het gelijknamig tijdschrift ( van februari 2008) haar ongenoegen over de Belgische en Vlaamse politiek. En noemt daarbij concrete verantwoordelijken. Een artikel beperken tot enkele straffe uitspraken is altijd gevaarlijk maar niet fout als ze zonder " kader " even duidelijk zijn als met.

1. " De gebrekkige investeringen in de spoorwegen tonen dat milieuvriendelijke en sociale mobiliteit en een vlot openbaar vervoer blijkbaar geen prioriteit zijn voor de overheden in een technologische topregio als België. Tal van steden in het Zuiden hebben vandaag een supermodern net van openbaar vervoer waar ons land een voorbeeld aan kan nemen.

2. In de loop van 2007 hebben talrijke VN rapporten ons rijkelijk gedocumenteerd over de toestand van onze planeet: opwarming van ons klimaat, eindige grondstofvoorraden, tanende biodiversiteit en het dreigende watertekort. De boodschap was duidelijk : de toestand is bijzonder ernstig, maar nog net niet hopeloos. Maar de beleidsopties noch de publieke optredens van december en januari geven niet aan dat de ernst van de zaak juist wordt ingeschat, integendeel. Beklag over de norm die Europa ons oplegt, zowel door Verhofstadt als Peeters. De schrijfster stelt zich ook de vraag waarom het zo moeilijk is voor deze heren om een beetje planetaire visie te ontwikkelen.

3. Wat krijgen we wel : Vlaanderen in Actie of was het Actie in Vlaanderen, een brainstormingsoefening voor 250 Captains of Industry over hoe we tegen 2020 kunnen behoren tot de 5 topregio's van Europa. Ecologische innovatie en klimaatbewuste wetenschap moesten het telkens afleggen tegen liberale oproepen om kennis minder te belasten en economische globalisering te stimuleren. Daardoor ontpopt Kris Peeters zich steeds meer als visionair die niet verder dan 2 dagen vooruitdenkt en kijkt.

4. Dat rijke samenlevingen niet meer welvarender worden met nog meer economische groei lijkt Peeters en met hem de meeste opinieleiders te ontgaan. Nochtans organiseerden de Europese Commissie, het Europees Parlement, de OESO, WWF en de Club van Rome onlangs een conferentie met als thema : doorbreken van het eendimensionele groeidenken en oog te hebben voor andere indicatoren zoals welzijn, welvaart en ontwikkeling.

5. Op de recente studiedag " Een comfortabele Waarheid. Groei naar een duurzame en solidaire economie " een organisatie van het Vlaams Overleg Duurzame Ontwikkeling ( VODO) en haar Nederlandse partner, daagden meer dan 300 aanwezigen op uit de politieke wereld en uit het maatschappelijke middenveld. Onze Vlaamse Minister-President , die ook nog Duurzame Ontwikkeling in zijn portefeuille heeft, schitterde door afwezigheid.

6. Soms lijkt het wel alsof onze politici op een andere planeet leven. Toch zijn er hier en daar lichtbakens : Zo het voorstel van Charles Michel , minister van Ontwikkelingssamenwerking, om een " klimaattoets " in te bouwen bij iedere overheidsbeslissing.

09-06-07

Het duurzaamheidsrapport van Paars

Hvandeker : In Dossier van E-MO juni 2007 schrijft John Vandaele over het duurzaamheidsrapport van Paars. Ik pik er alleen milieu uit omdat dat mijn interesse het meest opwekt. Maar ook ontwikkelingsbeleid en buitenlands beleid zijn het slachtoffer van een gebrek aan samenhang en samenwerking tussen de diverse politieke partijen en actoren.  Versnippering van bevoegdheden was de dekmantel om zich achter te verschuilen. En subtiele vertragende manoeuvres is blijkbaar een procédé dat ook nogal eens werkt...

" Geen ecologische omslag

Neem nu milieu. Om hier een trendbreuk te forceren, moet op verschillende domeinen worden gewerkt. Een paar activistische staatssecretarissen volstaan niet. Dat bewees paarsgroen al, dat er volgens WWF en Ecolife niet in slaagde om de ecologische voetafdruk van België te verkleinen. (zie grafiek).

Het probleem van Belgisch milieuminister Bruno Tobback was niet alleen dat de gewesten een groot deel van de milieubevoegdheden hebben, maar ook dat cruciale federale domeinen als financiën en energie in handen waren van ministers voor wie milieu amper meespeelde in hun beleid. Nochtans is groene belastinghervorming cruciaal voor een milieubeleid. Alleen door de reële milieukosten van producten in rekening te brengen, bijvoorbeeld via taksen, kan de markt in een duurzame richting gestuurd worden. In het regeerakkoord van paars stond dat ‘op meerdere terreinen vergroening van de fiscaliteit zal worden ingevoerd.’ De doorgaans erg diplomatische OESO merkt in zijn evaluatie (2007) van het Belgische milieubeleid op dat ‘België geen actie heeft gestart voor een groene belastinghervorming, zoals we nochtans hadden aanbevolen in de vorige evaluatie (van 1998).’ Ecologische taksen die gecompenseerd worden door lagere arbeidslasten, scheppen trouwens banen, stelt de OESO.

Didier Reynders (MR) was 8 jaar minister van Financiën, lang genoeg om te demonstreren dat een groene belastinghervorming hem niet interesseert. Er werd al wel eens een maatregeltje genomen zoals het afschaffen van de fiscale subsidiëring van 4x4’s, maar door de fiscale aftrek van bedrijfswagens bleven andere zware wagens en het rijden van heel veel kilometers toch nog gesubsidieerd. Reynders hanteerde daarbij zijn ondertussen gekende tactiek: in plaats van voorstellen expliciet te verwerpen, remde hij met allerlei subtiele manoeuvres zoveel mogelijk elke groene vooruitgang af. De ecotaks op drankverpakkingen is daarvan het gekendste voorbeeld. Toch was Reynders er als de kippen bij om aan te schuiven toen Al Gore op de koffie kwam bij premier Verhofstadt.

Ander belendend perceel van het milieubeleid is energie. Dat kwam in 2004 in handen van Marc Verwilghen (Open VLD). De BBL beweert dat paars op vier jaar tijd niets deed om de uitstap uit kernenergie voor te bereiden. Dat is misschien wat sterk uitgedrukt, maar geen enkele van de vijftien oude EU-lidstaten haalt een kleiner aandeel van zijn elektriciteit uit hernieuwbare bronnen dan België, dat met nog geen drie procent ver onder het gemiddelde van dertien procent ligt. In het regeerakkoord stond: ‘Tegen eind 2004 zal het eerste windmolenpark in de zone op en achter de Thorntonbank voor de Noordzeekust in een productiefase treden. Het afleveren van alle vergunningen, licenties en concessies zal versneld worden, door een gecoördineerde aanpak.’ Maar de versnelling van Verwilghen en minister van de zee Renaat Landuyt viel zwaar tegen: in 2007 staat er nog geen enkele molen, men moet zelfs nog beton beginnen gieten.

Niet dat er niets werd gepresteerd op milieugebied. Milieuminister Tobback en staatssecretaris voor Duurzame Ontwikkeling Els Vanweert weerden zich met de middelen die ze hadden. Klimaatvriendelijk (ver)bouwen wordt fiscaal meer gestimuleerd en in 2005 slaagde België er voor de eerste keer in ondanks de serieuze economische groei toch minder broeikasgassen uit te stoten dan in 1990. Met dank aan de hoge olieprijzen. Toch wachten België nog serieuze inspanningen om de Kyoto-doelstellingen te halen. Tobback en Vanweert slaagden er niet in om echt in te breken in het fiscale beleid en het energiebeleid en ze maakten daar niet eens veel kabaal over. Het gevolg was een regering die leek te wachten op Al Gore en het vertikte leiding te geven omdat dat stemmenverlies zou betekenen.

 

6786_toparticlephoto