08-05-07

Maximum inkomen , een waardige dialoog waard ?

Hvandeker : nu dat de discussie van de toplonen en de graaitaks terug in de belangstelling staat, volgt hierna een " discussienota " van weliswaar enkele jaren geleden maar toch terug brandend actueel ( en zelfs nog meer dan vroeger), welke heel wat duiding geeft over het onderwerp, alsook aantoont dat een dialoog hierover nogal snel de diverse partijen in een stellingenoorlog doet terechtkomen, dus welles nietes stellingen welke geen ruimte overlaten. Ook vandaag blijft dat het geval. Want dat het vandaag de spuigaten uitloopt, daar is bijna iedereen het over eens. Toch eens proberen om bijgevoegde teksten te lezen. De moeite, want de discussie moet levend blijven, alleen is er  niet zo veel hoop dat er snel iets verandert. Maar wie weet....

 

 

 

appel

 

 

 

 

 

 

" Palabrief

EEN MAXIMUMINKOMEN?
MISSCHIEN NIET ZO EEN GEK IDEE

Inkomen ligt gevoelig. Gooi eens het voorstel voor een maximuminkomen op tafel bij 18-jarigen, en misschien beleef je dezelfde boeiende discussie als die ik enkele maanden geleden mocht ervaren. Argumenten over de economische onzin ervan – want het zou de ondernemende mens demotiveren - wisselen af met bedenkingen over de grenzen die je best trekt aan menselijke graaizucht.

We leven in een wereld waarin sommigen vlot auto's van 100.000 euro en meer kunnen kopen, er een tweede of derde miljoenenhuis op nahouden, een weekje uitvliegen met de privé-jet naar het andere eind van de aardbol... en waarin er geen wil en dus geen geld is om werk - en dus inkomen - te creëren voor de zwakkeren.
We leven in een wereld waarin Amerikaanse topmanagers nu al in één jaar evenveel verdienen als waar een gewone medewerker in hun bedrijf vijfhonderd jaar voor moeten werken. Of dat ethisch verantwoord is? Toe maar. In bijna alle gevallen is die verhouding zelfs economisch onverantwoord. Ze moeten het zelf maar weten, de aandeelhouders, maar wie kan begrijpen dat ze dergelijke hold-ups toestaan?

Om zulke exuberante inkomens te kunnen betalen, is een groot financieel overschot hard nodig. Hoe je het draait of keert, die fortuinen zijn meestal maar te vergaren omdat er te weinig wordt betaald voor de grondstoffen en toeleveringen die nodig zijn, en evenmin voor het fysieke werk, de hersenarbeid, de ideeën en de kennis van alle 'medewerkers' wereldwijd. Ze worden dus verdiend op de kap van 'anderen'.
Zo komt het dat in diezelfde wereld een schrijnend gebrek aan inkomen een mensonwaardig bestaan meebrengt voor de helft van alle mensen. Kan moeilijk anders want ze verdienen minder dan twee euro per dag. Voor 800 miljoen onder hen is honger en ondervoeding dagelijkse kost.

Het nodige surplus voor die buitensporige inkomens wordt ook verdiend op de kap van onze aarde. Onze economie is immers zeer slecht in het respecteren van ecologische grenzen en komt zelfs niet toe aan het verrekenen van haar milieukosten. De reuzengrote voet waarop de superrijken leven kost ons dus veel meer dan we denken. Zij veroorzaken in hoge mate de ecologische verliescijfers van onze planeet door een verspillende en energieverslindende levenswijze. Zij zijn de grootste verkwisters van moeizaam verworven welvaart en de eerste verantwoordelijken voor de kaalslag van natuurlijk kapitaal, denk alleen nog maar aan de grootgrondbezitters en de agro-industrie die het regenwoud neerleggen.

Sociale rechtvaardigheid - in het bijzonder het recht op een menswaardig leven van alle mensen -, de dringende nood aan het bewaken en bewaren van ons aardse ecosysteem – het huis waarin we moeten leven - en de belangen van toekomstige generaties rechtvaardigen de invoering van een maximum inkomen waarover elke wereldburger jaarlijks kan beschikken.

Is het dan waar dat mensen enkel maar gedreven zouden zijn door materieel gewin en onze welvaartsproductie hier zwaar onder zou leiden? De vraag is best te beantwoorden met enkele tegenvragen. Zou Bill Gates werkelijk stoppen indien hij maar een maximaal te besteden inkomen zou hebben? Zou Ford zijn opgehouden met auto's te bouwen en Picasso met schilderen? Zou Marquez niet langer schrijven en Kurosawa niet langer filmen? Is het niet zo dat de geschiedenis vol is van uitvinders, kunstenaars, wetenschappers, sociale leiders, politici, zelfs van industriëlen en ondernemers, en vooral van gewone mensen die in de eerste plaats hun ambities of maatschappelijke projecten nastreefden, veel meer dan de maximale materiële winst die ze zelf al dan niet zouden boeken?
Voor een goed begrip, bij de invoering van een maximum inkomen kan Bill Gates nog altijd de grootste eigenaar en beslisser van zijn bedrijf blijven. Tot waar de rechten op eigendom reiken, is zeker een debat waard maar dat is wel een ander debat. Hier komt het er op aan het inkomen uit eigendom te beperken tot een afgesproken maximum.

Hoe groot mag dat maximum inkomen dan zijn? Dat moet natuurlijk het mondiale democratische debat uitwijzen maar in elk geval zijn twee maatstaven immens belangrijk.
Hier is al gepleit voor een mondiaal basisinkomen voor elke wereldburger van – om te beginnen – een kwart euro per dag (1). Zou het onredelijk zijn indien het maximum inkomen ‘slechts’ duizend maal hoger mag zijn – om te beginnen? Het is niet meer dan eerlijk dat het maximum inkomen maar kan stijgen indien ook het basisinkomen stijgt en slechts aan een veel trager tempo om de kloof tussen rijk en arm niet verder te laten groeien.
Tweede maatstaf is de draagkracht van onze aarde. Als wij er in de toekomst meer en meer in slagen om welvaart te produceren zonder ons natuurlijk kapitaal op te peuzelen en ons milieu te vernietigen, kunnen maximum en vooral basisinkomen stijgen. Indien die ombuiging naar een ecologisch duurzame economie niet lukt of te traag verloopt, zal ons gezamenlijk inkomen uiteindelijk enkel maar dalen. En de spanningen tussen rijk en arm zullen alleen maar stijgen.
Jawel dus, hoe gevoelig het ook ligt, samen met een basisinkomen lijkt een maximum inkomen echt geen slecht idee. En wie andere voorstellen heeft om sociale rechtvaardigheid en een duurzame economie te realiseren, laat ze maar horen.

 

Dirk Barrez, journalist en auteur, 8 november 2005

 

(1) om het artikel te lezen ‘Voor iedereen een mondiaal basisinkomen’ , ga naar PALA themabrief 7

 

Hvandeker : dit is dus de themabrief....

" Arbeid die in behoorlijke omstandigheden fatsoenlijk wordt vergoed, blijft hét middel bij uitstek om de kost te verdienen. Goed verspreid grondbezit, samen met een duurzaam beheer van velden, weiden, bossen en wateren, kan in vele landen tallozen aan de nodige productiemiddelen, werk en inkomen helpen. Een verstandige industrialisering die gebruik maakt van een milieuvriendelijke technologie kan wonderen doen op het vlak van de werkgelegenheid en de inkomensgroei. Echte vrije handel, waarbij alle partijen hun voordeel doen, draagt daar bovenop nog bij tot de verspreide rijkdom.

Maar niemand moet zich voor de nabije toekomst te sterke begoochelingen maken.
Zelfs in het beste geval heeft niet iedereen die daar moet van leven, voldoende productiemiddelen om in het eigen onderhoud te voorzien. Integendeel, de kwaliteit van landbouwland, weiden, viswateren en bossen is in stijgende mate aangetast. En dikwijls zijn ze ingepikt of zelfs vernietigd.
Zelfs in het beste geval is er niet voor iedereen voldoende arbeid en zeker geen arbeid die voldoende wordt betaald.
Zelfs in het beste geval worden vele menselijke prestaties die bijdragen tot welvaart en welzijn niet vergoed.
Zelfs in het beste geval zullen er mensen uit de boot blijven vallen, blijft er een erg ongelijke inkomensverdeling en, vooral, hebben velen gewoon te weinig koopkracht om menswaardig te leven.

Daar komt dan het basisinkomen voor de dag, het geschikte alternatief voor de samenleving om elk van haar leden volwaardig te erkennen en ontplooiingsmogelijkheden te geven. Want wat is het basisinkomen? Het is een inkomen dat iedereen individueel krijgt, van de geboorte tot de dood, onvoorwaardelijk, omdat alle mensen recht op waardig leven hebben. Want als het basisinkomen voor volwassenen voldoende hoog is, vermijdt het dat mensen armoede lijden. Het ontslaat de overheid ook van de druk om onnuttige en belastende jobs te behouden of te creëren. Dat er onvoldoende nuttig betaald werk op de mensen ligt te wachten is een belangrijke reden om aan een basisinkomen voor iedereen te denken, maar er zijn nog andere voordelen. In een samenleving die duurzaam produceren hoog in het vaandel draagt, krijgt ook ‘de economie van het genoeg’ concrete inhoud en betekenis. Als iemand ervoor kiest om rond te komen met een basisinkomen en de samenleving dus de kosten bespaart van inschakeling in het arbeidsproces, kan dat evengoed maatschappelijk gewaardeerd raken. Dat hoeft echt niet als luiheid veroordeeld te blijven. Want het basisinkomen is meteen ook een erkenning van niet of ondergewaardeerde bezigheden zoals huiselijk werk, kinderen opvoeden en andere gezinszorg, de kwaliteit van het eigen leven en dat van anderen bevorderen, zelfontplooiing of vrijwilligerswerk.

De sleutelvraag is natuurlijk of een basisinkomen wel betaalbaar is. In de rijke industriële samenlevingen is dat inderdaad haalbaar. Is dat basisinkomen dan een luxe die arme landen zich niet kunnen veroorloven? Op het eerste gezicht is dat zo, maar als we de wereld globaal bekijken en daarbij onze verbeelding én ons verstand gebruiken, komen we tot een tergend-realistisch voorstel: voor iedereen alvast een mondiaal basisinkomen van een kwart euro. Wat moet dat kosten? We zijn met 6,3 miljard mensen op deze wereld, dat is dus 575 miljard euro per jaar. Is dat veel? Niet echt, het wereldinkomen is ruim vijftigmaal groter. Met een belasting op het wereldproduct van amper twee procent kan elke wereldburger dat basisinkomen krijgen.

Voor de meeste rijke wereldburgers in vooral Europa, Noord-Amerika en Japan is dat mondiale basisinkomen natuurlijk een peulenschil. Toch moeten ze het krijgen. Het herinnert hen eraan dat zij niet alleen op de wereld leven én dat velen met wel heel weinig moeten rondkomen. Voor de armere wereldburgers zou het basisinkomen een erkenning zijn van hun bestaan. Die kwart euro per dag betekent voor enkele miljarden mensen een wereld van verschil. In de armste landen zouden velen hun inkomen op die manier liefst verdubbelen.

Natuurlijk zijn er bedenkingen en tegenwerpingen te formuleren. Mogelijk merkt iemand op dat een kwart euro te weinig is om uit de armoede weg te raken. Dat vergt wat overtuigingswerk.

Ten eerste moet zo'n basisinkomen opgeteld worden bij het (vaak karige) inkomen dat de mensen nu al hebben. Het basisinkomen is geen vervanging voor degelijk en fatsoenlijk betaald werk, en evenmin vervangt het de sociale zekerheid voor wie b.v. ziek of gehandicapt is; het staat daarnaast of daaronder. Eigenlijk is het de sokkel van een mondiaal sociale zekerheidssysteem dat elke samenleving naar eigen inzicht en mogelijkheden verder kan uitbouwen. Elke samenleving kan ook vrij beslissen om haar basisinkomen veel groter te maken dan het mondiale.


Ten tweede zal de verhoogde koopkracht een enorme stimulans meebrengen voor de lokale economieën, wat voor meer werk en dus extra inkomen zal zorgen. Meer nog, de evenwichtiger gespreide koopkracht zal de immense basisbehoeften aan drinkbaar water, voedsel, huizen en onderwijs eindelijk bevredigen zodat armoede duurzaam wordt bestreden. Het basisinkomen is dus een hefboom voor een krachtige economische ontwikkeling die vooral inspeelt op de lokale noden.

Ten derde is er eigenlijk niets op tegen om zo nodig niet twee, maar vier, acht of zelfs meer procent van het wereldinkomen te herverdelen.

Ten vierde moeten lokale overheden natuurlijk werk blijven maken van gezondheidsvoorziening, onderwijs, landverdeling, watervoorziening, wegen, openbaar vervoer, sociale zekerheid, degelijk bestuur enz. Het is vanzelfsprekend niet onverschillig hoe goed of slecht landen worden bestuurd.

Ten vijfde blijft er internationale samenwerking nodig om bijvoorbeeld het versterkte broeikaseffect te bestrijden, om snel een duurzame economie uit te bouwen, om kinderarbeid te beteugelen en sociale regels te doen respecteren, om oorlog en geweld te keren en een veiliger wereld te maken, om speculatieve en ontwrichtende financiële stromen te controleren én om voor iedereen het basisinkomen te garanderen.

Natuurlijk is het wereldbasisinkomen geen tovermiddel dat alle wereldproblemen oplost. Maar bekijk het in dit ruimere kader, dan kan het de kiem kan zijn voor een ontwikkelingsmodel dat én duurzaam is én de armoede echt de wereld uit helpt. Want welk ontwikkelingsmodel presteert beter dan een basisinkomen - waarover iedereen volledig vrij kan beschikken – dat als geen ander inkomens herverdeelt en welvaart voor iedereen creëert? Meer nog, die kwart euro per dag is een ambitie die even mobiliserend en wervend kan werken als eisen uit het verleden, zoals de achturendag, het algemeen stemrecht voor man én vrouw of de afschaffing van de slavernij.

De enige voorwaarde is dat dit basisinkomen ook werkelijk gegarandeerd moet zijn. Dit lijkt me een prima opdracht voor de Verenigde Naties. Wie wil argumenteren dat dit een onmogelijke opdracht zou zijn, moet beseffen dat deze ambitie wel ontzettend veel makkelijker te verwezenlijken is dan de ‘onmogelijke’ opdracht waarmee men nu kampt, namelijk de wereld willen ontwikkelen met allerlei onvruchtbaar gebleken modellen en programma’s. Daarenboven zou de VN daarmee hét instrument van inkomensherverdeling worden op onze wereld en zich voorgoed op de wereldkaart plaatsen als een overheidsdienst voor elke wereldburger. Meteen bewaakt de VN ook het eerste mensenrecht van iedereen, het recht op bestaan.

De inkomsten kan zij halen uit een mondiale belasting op internationale financiële verrichtingen, op het verbruik van fossiele brandstoffen en op andere activiteiten die de leefbaarheid van onze wereld ondermijnen en bijna uitsluitend rijke mensen treffen. Die fiscale bevoegdheid zou meteen ook aanzienlijk bijdragen tot de geloofwaardigheid van een echt mondiaal VN-bestuur. Vanzelfsprekend kan dit alles maar doorgang vinden als die Verenigde Naties ook een door en door democratische organisatie zijn.

Het mondiaal basisinkomen lijkt misschien een ‘te simpele’ oplossing. Maar ik zie geen fundamentele hinderpalen. We moeten het simpelweg verwezenlijken. Zelfs als we het niet meteen wereldwijd kunnen invoeren - wat te verwachten valt natuurlijk, want we kiezen altijd te traag voor de beste oplossingen - kunnen we alvast starten op een meer beperkte schaal. Zo kunnen we bilaterale overeenkomsten sluiten tussen ontwikkelingsministeries en arme plattelandsstreken die het basisinkomen waarborgen voor alle bewoners van die regio. Er is geen enkel bezwaar om hier werk van te maken, en zo de basis te leggen van een solidaire wereldeconomie en wereldsamenleving.

Dirk Barrez, journalist en auteur, 22 oktober 2003

Reageren en meedenken kan op ons forum, onder het discussiethema  Het verdelingsvraagstuk - inkomen, werk en welvaart voor iedereen  Over het mondiaal basisinkomen zie ook www.globalincome.org

Overname van de brief door niet-commerciële initiatieven of verenigingen mag, mét volgende bronvermelding: Dirk Barrez, PALA nieuwsbrief over onze globaliserende wereld, voor gratis abonneren en forum surf naar www.globalsociety.be. Wij vernemen dat graag met een mail naar info@globalsociety.be

Deze opinie verscheen in De Standaard op 22 oktober 2003