25-02-08
28 februari - MO*debat: Milieu versus arbeid? Klimaatbeleid bevordert werkgelegenheid

Hvandeker : Groenen en ecologisten zijn geen paniekzaaiers, doemdenkers, klokkenluiders, pessimisten, wereldvreemden, dragers van wollen sokken, dromers, zageventen en -vrouwen, noch " hardliners". Neen, ze zijn alleen bekommerd om de steeds toenemende berichten over de slechte staat van onze planeet, waar vooral de nog altijd groeiende kloof tussen arm en rijk ervoor zorgt dat de sukkelaars de meeste botsen krijgen, door de klimaatopwarming en door het ontbreken van voldoende sociaal beleid. Ze zijn realistisch, beschikken over een voldoende dosis gezond verstand en zijn ook positief door aan te geven dat er , naast risico's, talloze opportuniteiten zijn die moeten worden aangegrepen. Maar dat er dringend een omslag dient te gebeuren in de manier van produceren en consumeren vinden ze geen dagdromerij maar de enige weg om de roofbouw op onze planeet drastisch te verminderen. Daarom vind ik debatten zoals hieronder aangekondigd hoopgevend door de sensibilizering van eenieder die erover wil nadenken. Woon je in de regio Leuven en ben je geïnteresseerd in het onderwerp ?
28 februari - MO*debat: Milieu versus arbeid? Klimaatbeleid bevordert werkgelegenheid
Dat we in de westerse landen dringend behoefte hebben aan een ware omslag in onze manier van produceren en consumeren is inmiddels voldoende gedocumenteerd. De recente rapporten van verschillende VN-instanties (klimaatpanel, UNDP, UNEP) zijn daar vrij duidelijk over. Op klimaatvlak bijvoorbeeld weten we ondertussen dat de mondiale uitstoot van broeikasgassen tegen 2050 met minstens 50% moet dalen t.o.v. het niveau in 1990. Voor de geïndustrialiseerde landen betreft het een noodzakelijke reductie van minstens 80%. Dit uitstootscenario is nodig om een reële kans te hebben om het overschrijden van de grens voor “gevaarlijke” klimaatopwarming (2°C) nog te kunnen vermijden. De overgang naar een meer ecologische economie is vanuit milieuwetenschappelijk standpunt cruciaal. Maar wat zou het effect zijn van een streng klimaatbeleid op de werkgelegenheid en de welvaartsverdeling? Tijdens deze avond gaan twee deskundigen dieper in op deze vraag. De concrete aanleiding voor dit panelgesprek is het recente rapport van het Europees Vakverbond over de relatie tussen klimaatwijzigingen, klimaatbeleid en werkgelegenheid. Het EVV kwam tot de conclusie dat een krachtdadig klimaatbeleid, met een reductie van de broeikasgasuitstoot van 40% (EU-27) tegen 2030, een netto positief effect zou hebben op de werkgelegenheid. Toch blijven er vele vragen over hoe deze duurzaamheidstransitie concreet gestalte kan worden gegeven. Hoe zou het beleid er dan moeten uitzien? Welke sociale, juridische en economische instrumenten zullen er dan moeten worden ingezet? Wat is de rol van de EU-instellingen in deze nieuwe economie? En hoe gaat men om met de verliezende sectoren?
Gespreksavond met Tom van Ierland (Europese Commissie, DG Environment) en Tom Willems (ACV-studiedienst). Moderator: John Vandaele (MO*)
Donderdag 28 februari 2008, 20u in C.C. Oratoriënhof, Mechelsestraat 111, 3000 Leuven. Org. : Masereelfonds Leuven, Bond Beter Leefmilieu, Terra Reversa, Arbeid & Milieu en MO*.
Bron : Nieuwsbrief op e-MO website
11:44 Gepost door hvandeker in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: klokkenluiders, paniekzaaiers, doemdenkers, pessimisten, wereldvreemden, dragers van wollen sokken, dromers, zageventen en -vrouwen, hardliners, evv, tom van ierland, europese commissie dg environment, tom willems, acv-studiedienst, john vandaele, mo |
Facebook |
09-06-07
Het duurzaamheidsrapport van Paars
Hvandeker : In Dossier van E-MO juni 2007 schrijft John Vandaele over het duurzaamheidsrapport van Paars. Ik pik er alleen milieu uit omdat dat mijn interesse het meest opwekt. Maar ook ontwikkelingsbeleid en buitenlands beleid zijn het slachtoffer van een gebrek aan samenhang en samenwerking tussen de diverse politieke partijen en actoren. Versnippering van bevoegdheden was de dekmantel om zich achter te verschuilen. En subtiele vertragende manoeuvres is blijkbaar een procédé dat ook nogal eens werkt...
" Geen ecologische omslag
Neem nu milieu. Om hier een trendbreuk te forceren, moet op verschillende domeinen worden gewerkt. Een paar activistische staatssecretarissen volstaan niet. Dat bewees paarsgroen al, dat er volgens WWF en Ecolife niet in slaagde om de ecologische voetafdruk van België te verkleinen. (zie grafiek).
Het probleem van Belgisch milieuminister Bruno Tobback was niet alleen dat de gewesten een groot deel van de milieubevoegdheden hebben, maar ook dat cruciale federale domeinen als financiën en energie in handen waren van ministers voor wie milieu amper meespeelde in hun beleid. Nochtans is groene belastinghervorming cruciaal voor een milieubeleid. Alleen door de reële milieukosten van producten in rekening te brengen, bijvoorbeeld via taksen, kan de markt in een duurzame richting gestuurd worden. In het regeerakkoord van paars stond dat ‘op meerdere terreinen vergroening van de fiscaliteit zal worden ingevoerd.’ De doorgaans erg diplomatische OESO merkt in zijn evaluatie (2007) van het Belgische milieubeleid op dat ‘België geen actie heeft gestart voor een groene belastinghervorming, zoals we nochtans hadden aanbevolen in de vorige evaluatie (van 1998).’ Ecologische taksen die gecompenseerd worden door lagere arbeidslasten, scheppen trouwens banen, stelt de OESO.
Didier Reynders (MR) was 8 jaar minister van Financiën, lang genoeg om te demonstreren dat een groene belastinghervorming hem niet interesseert. Er werd al wel eens een maatregeltje genomen zoals het afschaffen van de fiscale subsidiëring van 4x4’s, maar door de fiscale aftrek van bedrijfswagens bleven andere zware wagens en het rijden van heel veel kilometers toch nog gesubsidieerd. Reynders hanteerde daarbij zijn ondertussen gekende tactiek: in plaats van voorstellen expliciet te verwerpen, remde hij met allerlei subtiele manoeuvres zoveel mogelijk elke groene vooruitgang af. De ecotaks op drankverpakkingen is daarvan het gekendste voorbeeld. Toch was Reynders er als de kippen bij om aan te schuiven toen Al Gore op de koffie kwam bij premier Verhofstadt.
Ander belendend perceel van het milieubeleid is energie. Dat kwam in 2004 in handen van Marc Verwilghen (Open VLD). De BBL beweert dat paars op vier jaar tijd niets deed om de uitstap uit kernenergie voor te bereiden. Dat is misschien wat sterk uitgedrukt, maar geen enkele van de vijftien oude EU-lidstaten haalt een kleiner aandeel van zijn elektriciteit uit hernieuwbare bronnen dan België, dat met nog geen drie procent ver onder het gemiddelde van dertien procent ligt. In het regeerakkoord stond: ‘Tegen eind 2004 zal het eerste windmolenpark in de zone op en achter de Thorntonbank voor de Noordzeekust in een productiefase treden. Het afleveren van alle vergunningen, licenties en concessies zal versneld worden, door een gecoördineerde aanpak.’ Maar de versnelling van Verwilghen en minister van de zee Renaat Landuyt viel zwaar tegen: in 2007 staat er nog geen enkele molen, men moet zelfs nog beton beginnen gieten.
Niet dat er niets werd gepresteerd op milieugebied. Milieuminister Tobback en staatssecretaris voor Duurzame Ontwikkeling Els Vanweert weerden zich met de middelen die ze hadden. Klimaatvriendelijk (ver)bouwen wordt fiscaal meer gestimuleerd en in 2005 slaagde België er voor de eerste keer in ondanks de serieuze economische groei toch minder broeikasgassen uit te stoten dan in 1990. Met dank aan de hoge olieprijzen. Toch wachten België nog serieuze inspanningen om de Kyoto-doelstellingen te halen. Tobback en Vanweert slaagden er niet in om echt in te breken in het fiscale beleid en het energiebeleid en ze maakten daar niet eens veel kabaal over. Het gevolg was een regering die leek te wachten op Al Gore en het vertikte leiding te geven omdat dat stemmenverlies zou betekenen.

22:22 Gepost door hvandeker in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: john vandaele, milieu, ontwikkelingsbeleid, buitenlands beleid, geen ecologische omslag, oeso, reynders, bruno tobback, energie, uitstap uit kernenergie voorbereiden, duurzaamheidsrapport van paars |
Facebook |
20-03-07
De tanker van onze economie moet van koers veranderen !
Dit interview van John Vandaele en Alma de Walsche met Jos Delbeke is lang en loopt daardoor de kans niet gelezen te worden. Toch zou ik dit voor één keer willen aanbevelen omdat het zo juist en inhoudelijk duidelijk geformuleerd werd.
De conclusie dat onze economische tanker zeer dringend van richting moet veranderen, wordt reeds lang door Groen! verkondigd en nu wordt dit nogmaals bevestigd door een autoriteit, een EU topambtenaar ! Het is een waarde welke rechtstreeks met de kwaliteit van het leven te maken heeft, van ons en onze kinderen en kleinkinderen en zo voort, toch een van de kerntaken van Groen!

Uit MO maart 2007 nr 41
‘De tanker van onze economie moet van koers veranderen.’
JOS DELBEKE OVER DE EU EN KLIMAATVERANDERING
28 februari 2007 (MO) - Het nieuwste rapport van het Internationaal Klimaatpanel legt sterke bewijzen op tafel. De opwarming is door menselijke activiteiten op gang gebracht en is onomkeerbaar geworden. MO* vroeg EU-topambtenaar Jos Delbeke of Europa de ernst van het probleem inziet, er gepast op reageert en klaar is voor de onvermijdelijke opwarming.
Jos Delbeke is directeur van het Directoraat Generaal Milieu van de EU en verantwoordelijk voor Klimaatwijziging, Energie en Transport. Als rechterhand van Margot Wallström, EU-Milieucommissaris onder Romano Prodi (1999-2004), was Delbeke nauw betrokken bij de onderhandelingen om het Kyotoprotocol geratificeerd te krijgen, ook toen de Verenigde Staten afhaakten. ‘De reactie van Wallström was kordaat: “We gaan dit niet zomaar accepteren, deze zaak is te belangrijk. We moeten een wereldcoalitie opzetten om het Kyotoprotocol te redden, desnoods tegen de Amerikanen als ze niet van gedachten veranderen”.
We hebben toen een kruistocht ondernomen naar de belangrijkste hoofdsteden van de wereld, om steun te vragen voor het protocol. Vooral de onderhandelingen met Rusland mochten niet mislukken. En we hebben het gehaald: in februari 2005 trad het Kyotoprotocol in werking. Vandaag blijkt dat velen binnen de VS vinden dat ze deze zaak niet bepaald verstandig hebben aangepakt, en dat de VS daardoor een belangrijke kans hebben gemist om mee praktische wereldwijde oplossingen uit te werken .’ Als milieu-econoom is Delbeke de architect van het EU-emissiehandelssysteem, het belangrijkste instrument van de EU om de Kyotonorm te halen.
Zit Europa op schema voor de Kyotodeadline van 2012?
Jos Delbeke: Voor het halen van de Kyotonorm zit Europa net op schema. Het protocol stelt dat de EU 15 tegen 2012 de uitstoot van broeikasgassen moet inkrimpen met 8 procent ten aanzien van 1990. Tot nu toe hebben we een daling van 1 procent gerealiseerd. Er is dus nog een lange weg te gaan, maar als we niets gedaan hadden, zouden we aan een stijging van 8 procent zitten. De maatregelen die we sinds 2000 genomen hebben, beginnen vruchten af te werpen, maar we moeten in een hogere versnelling. Het Kyotoprotocol is overigens nog maar een eerste stap. Op wereldvlak zijn er te weinig landen die zich richten naar de Kyotonorm. Zonder de VS en andere industrielanden zoals Australië en Canada, en zonder de opkomende industrielanden, halen we het niet.
De wetenschappelijke gegevens laten nochtans weinig ruimte voor twijfel. Wat is er nog nodig om de andere spelers te overhalen?
Jos Delbeke: De beste manier om zoveel mogelijk landen aan boord te krijgen, is door zelf geloofwaardig te zijn. Daarvoor moet je een beleid uitbouwen dat de technologieën van de toekomst ontwikkelt. Die bestaan, maar worden te weinig toegepast. Soms omdat ze te duur zijn, vaak omdat we ons te onverschillig gedragen tegenover het gebruik van schaarse energie en grondstoffen. Sommige laagverbruikende auto’s kosten inderdaad meer. Een spaarlamp kost meer dan een gewone gloeilamp, maar ze gaat wel langer mee. Voor veel nieuwe lidstaten is de nieuwe Europese milieuagenda een heel nieuw beleidsterrein. Onze boodschap aan hen is: gebruik een deel van de EU subsidies om de beste, duurzaamste technologie in te zetten. De nieuwe lidstaten van het verleden, zoals Spanje of Ierland, hebben dit succesvol toegepast en de resultaten zijn zichtbaar op het terrein.
Heeft geloofwaardigheid ook niet te maken met coherent beleid?
Jos Delbeke: Dat proberen we al jaren op te bouwen. Sinds 2000 heeft het Europese Programma voor Klimaatwijziging (ECCP) meer dan dertig beleidsinitiatieven genomen om de uitstoot van broeikasgassen te beperken, waaronder standaarden voor energie-efficiëntie van gebouwen, een reglementering voor uitlaatgassen en airconditioning van auto’s en het verminderen van de CO2-uitstoot van de luchtvaart. In januari lanceerde de Commissie het voorstel om met alle industrielanden samen tegen 2020 een uitstootvermindering van 30 procent te realiseren. Tegen die tijd zouden dan ook de ontwikkelingslanden beleidsverplichtingen moeten opnemen, onder meer door de ontbossing radicaal een halt toe te roepen. Dat is absoluut noodzakelijk om op wereldvlak een effect te hebben op de opwarming.
De Europese Commissie stelt voor dat Europa alvast maatregelen neemt om een vermindering met 20 procent te realiseren tegen 2020. Zo moet Europa zijn geloofwaardigheid en leiderschap aantonen voor zolang de onderhandelingen over de 30 procent vermindering nog niet zijn afgerond. Dit kunnen we doen door de energieproductie uit hernieuwbare energie voor heel Europa op te voeren van 10 procent in 2010 tot 20 procent tegen 2020. We zullen dus massaal moeten investeren in zonnepanelen, windmolens, biobrandstoffen enzovoort. Deze voorstellen liggen op de tafel van de Europese Raad van staats- en regeringsleiders van 8 en 9 maart, om ze om te zetten in een concreet politiek engagement.
De transportsector blijft wel hardnekkig weerstand bieden.
Jos Delbeke: Dat is een sector waar de uitstoot jaar na jaar blijft toenemen, in tegenstelling tot veel industriële sectoren. Daarom heeft de Commissie een voorstel ingediend om de CO2-inhoud van brandstoffen voor auto’s met 10 procent te verminderen. Op 6 februari is het besluit goedgekeurd om de CO2-uitstoot van personenwagens te beperken tot 130 gram per kilometer, in plaats van de 160 tot 300 gram en meer die de grote, dure wagens nu uitstoten. Dat zijn concrete en haalbare maatregelen, die belangrijke kansen bieden voor nieuwe technologieën, innovatieve bedrijven en creatieve banen. Jammer genoeg is er inderdaad nog veel weerstand te overwinnen. De anticampagne van enkele grote autoconstructeurs tijdens de voorbije weken is daar een droevig voorbeeld van.
Kan Europa met zijn milieubeleid wel economische groei blijven nastreven?
Jos Delbeke: De weg van de nieuwe technologieën is de minst moeilijke weg, al blijft ook dan de omschakeling niet gemakkelijk. Nieuwe technologieën vergen immers extra investeringen. Er bestaat in Europa gelukkig een breed gedragen “willingness to pay”, een bereidheid om te betalen voor een goede kwaliteit van het leefmilieu. We filteren en zuiveren het water en de lucht, we ruimen ons afval op en recycleren het. We brengen water van waterrijke naar waterschaarse streken. De wereld heeft vandaag nood aan onze energie-, waterzuiverings- en afvaltechnologie. Dat zijn de jobs van de toekomst en succesvolle groeisectoren. Vraag maar eens aan een beursbelegger hoe pijlsnel de aandelen van producenten van hernieuwbare energietechnologie de hoogte zijn ingeschoten de voorbije vijf jaar. En die trend zal nog wel even doorgaan. We moeten daar in Europa een speerpunt van maken. Onze Belgische en Vlaamse bedrijven en universiteiten mogen daar best wat meer zelfbewust in zijn, want ze doen het helemaal niet slecht.
Europa’s inspanningen alleen zullen niet volstaan om de opwarming van de aarde tegen te houden. De opkomende industrielanden zoals China en India zullen ook inspanningen moeten doen, maar zij willen dat alleen als ze de garantie krijgen dat hun prille economische groei niet wordt ondermijnd. Ze willen alleen praten over een CO2-plafond als dat berekend wordt op basis van het aantal inwoners.
Jos Delbeke: Dat is een begrijpelijk standpunt maar de facto zou dat betekenen dat ze decennialang niets zouden doen. De uitstoot per hoofd in Europa is tien keer hoger dan die in China of India. En die van de VS is 20 keer hoger. Helaas kunnen we het ons niet veroorloven om hun CO2-uitstoot decennialang ongemoeid te laten. Het zijn zeer grote landen en hun CO2-uitstoot gaat pijlsnel de hoogte in. Er zijn veel dingen die zij kunnen doen, aangepast aan hun economische ontwikkeling. Als wij daarentegen hun eis mathematisch zouden toepassen op onze economie, dan zouden wij in de geïndustrialiseerde wereld binnen de kortste keren terug moeten naar een consumptiepatroon van “voor de oorlog”. Daar is geen draagvlak voor. We moeten een aanzienlijke daling van de uitstoot organiseren, maar we kunnen die niet bruuskeren. Het klopt dat wij, in de rijke landen, veel meer zullen moeten doen dan de arme landen. Maar om de tanker van onze economie van koers te doen veranderen, kunnen we niet over één nacht ijs gaan. De ecologische eis en de inkomens- en welvaartseis moeten aan elkaar gekoppeld worden.
Wat betekent dit voor de ontwikkelingslanden?
Jos Delbeke: Energie wordt zeer inefficiënt gebruikt in de ontwikkelingslanden. Dat kan geoptimaliseerd worden. Hernieuwbare energie biedt talloze mogelijkheden. Het enorme voordeel ervan is dat ze vaak gedecentraliseerd kan worden opgewekt, zodat er geen gigantische centrales en dure transportsystemen nodig zijn. En als de nieuwe middenstand in India en China massaal met de auto wil gaan rijden, kunnen ze net zo goed kiezen voor de laagverbruikende auto van de toekomst, in plaats van voor benzineverslindende terreinwagens zoals wij nog altijd te veel doen in het Westen. Wij moeten niet met het vingertje zwaaien, als we zelf niet doen wat we prediken. We kunnen onze geloofwaardigheid in de komende klimaatonderhandelingen versterken door aan te tonen dat reductie van CO2 wel degelijk samengaat met een hoog welvaartsniveau.
Hoe valt dat dan te combineren?
Jos Delbeke: In een economisch systeem dat efficiënt moet omgaan met schaarse energie en grondstoffen is het van cruciaal belang dat mensen goed geïnformeerd worden en dat we consumenten en bedrijven de juiste stimuli geven. De auto heeft de mensen een vrijheid gegeven die ze niet zomaar willen inleveren. Door het accijnssysteem hebben we de brandstof voor auto's duurder gemaakt, daarmee stimuleren we het gebruik van zuinige auto’s. Tegelijk moet de overheid er voor zorgen dat bedrijven het interessant vinden deze zuinige auto’s te produceren. De overheid kan ook efficiënt en comfortabel openbaar vervoer aanbieden als alternatief. Al gaat het traag, het komt erop aan de mensen mee te hebben, en stap voor stap verandering te realiseren en te consolideren.
Gaan we op deze manier de opwarming binnen de grenzen van de cruciale 2°C houden, de temperatuursstijging die de Golfstroom kan doen stilvallen?
Jos Delbeke: Volgens de wetenschappers is er dan één kans op de twee dat we onder de 2°C opwarming blijven. Het blijft kansrekenen. We weten niet vanaf hoeveel graden het klimaatsysteem begint dol te draaien, vanaf welk punt bijvoorbeeld de Golfstroom onstabiel wordt en of het voor ons dan kouder of warmer zal worden. We hebben geen tijd te verliezen. Maar voor de grote doelstellingen na 2012 hebben we de medewerking van de nieuwe Amerikaanse regering nodig. We werken intussen al met de vele positieve krachten die er zijn, in California en de noordoostelijke staten, waar de politici maatregelen doorduwen, in de wetenschappelijke wereld en in de ngo-wereld.
Kunnen we de aarde redden aan het trage tempo van de democratie?
Jos Delbeke: Sommige dingen zouden sneller moeten, maar dat lukt niet omdat het essentieel is dat de grote massa, die het verschil kan maken, mee is. Wat hoop geeft, is het feit dat het milieuthema vandaag mainstream is geworden. Geen enkele democratische partij kan het zich nog veroorloven dit thema terzijde te laten. De opdracht om de planeet te redden kan niet zomaar overgelaten worden aan de vrijwillige keuzes van elk individu, want ‘als de anderen mogen vervuilen, waarom zou ik dat dan niet mogen?’. Met andere woorden, het individu wil wel heel wat doen, op voorwaarde dat het tot iets leidt, en dat het resultaat niet door anderen wordt teniet gedaan. Verandering moet ingebouwd worden in onze dagelijkse handelingen, in de economie, de politiek. Daarvoor hebben we een werkbare combinatie nodig van een visie op lange termijn én praktisch uitvoerbare maatregelen.
Auteur: Alma De Walsche en John Vandaele.
17:03 Gepost door hvandeker in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Email dit | Tags: tanker, economie, koers, john vandaele, alma de walsche, jos delbeke, eu-topambtenaar, klimaatverandering |
Facebook |







