04-11-08

Al doende leert men en vooral van zijn fouten !!

 

 

!cid_397041212@30102006-2CBE

"Wie een betere wereld wil krijgt altijd tegenwind" 25/10/2008

Vlaams parlementslid en gemeenschapssenator

Vera Dua

Vierde haar 56ste verjaardag. Al 24 jaar probeert ze via de politieke  diplomatie de wereld mooier en beter te maken. In die periode heeft ze veel geleerd. "Toen we in de regering zaten heeft Groen! te veel gerealiseerd, het ging te rap. Daardoor ging onze achterban te grote verwachtingen koesteren", blikt de voormalige landbouwminister terug in een interview met Luk Alloo.

Welke dromen koesterde je als kind?

Vera Dua:

Moeder bracht ons een groot rechtvaardigheidsgevoel bij. Toen de Club van Rome in '68 stelde dat er in de toekomst een groot milieuprobleem zou opduiken, wist ik wat met mijn leven te doen. Ik kon niet langs de zijlijn zitten toekijken. Toen ik 15 was, heb ik uit pure politieke verontwaardiging op het Sint-Bavocollege de eerste leerlingenraad opgericht. Het was toen '68, er waren rellen in Parijs, de wereld veranderde en onze directrice voelde dat. Van haar mochten wij toen voor heel de school een namiddag organiseren rond armoede en onrecht in de wereld. Ik besefte meer en meer dat de wereld fout in elkaar zat en wilde ageren.

Weerspiegelde dat engagement zich later ook in je studiekeuze?

Ja. Ik studeerde voor landbouwkundig ingenieur omdat ik in de ontwikkelingslanden iets wezenlijks wilde veranderen. Maar ik ben op een man gevallen die zei: we gaan de wereld eerst hier proberen te veranderen. De liefde hield mij in Vlaanderen. Na mijn studies werd ik assistent aan de faculteit Bosbouw in Gent. Ik gaf les en deed research, onder meer over de zure regen en de invloed ervan op bossen. In die periode dweilde ik alle parochiezalen af om over de gevolgen van zure regen te spreken.

Waarom heb je uiteindelijk de stap naar de politiek gezet?

Ik heb daar niet lang over moeten nadenken. Voor Agalev was ik een aantrekkelijk figuur, ik engageerde mij voor het milieu en zat in drukkingsgroepen. Plots kon ik dingen in beweging zetten, ideeën in wetten gieten, dingen wezenlijk veranderen. Tijdens de gemeenteraadsverkiezingen in '89 was ik lijsttrekker en werd ik verkozen in de gemeenteraad. In '91 werd ik lid van de Kamer. Weet je dat wij al op het einde van de jaren '80 protesteerden tegen de schandelijke wijze waarop dieren werden misbruikt in dierentuinen en circussen? We waren de eersten die in de gemeenteraad tussenkomsten deden over de fiets. Men noemde ons luchtfietsers omdat we windmolens eisten. Toen ontstond er grote hilariteit. Zo van: waar zijn die groenen in godsnaam mee bezig?

Steekt het dat jullie als visionairen werden weggelachen en dat windmolenparken, bio-energie, dierenwelzijn en klimaatverandering nu bon ton zijn?

Natuurlijk, maar gelukkig staan die windmolens er na al die lange jaren aandringen wel. Het leven heeft mij één ding geleerd: je krijgt heel wat tegenstand als je de wereld in de goede richting wil duwen. In deze wereld overheerst de economische dwangmatigheid, alles is daaraan ondergeschikt. Vanuit de oppositie bepaalden wij de agenda, in die zin waren wij van vitaal belang. En dat is Groen! nog steeds. We mogen niet stilzitten en denken dat de grote problemen achter de rug zijn. Gelukkig maken mensen de klik, ook omdat ze de voordelen zien. Zonnepanelen zijn bijvoorbeeld niet alleen goed voor het milieu maar ook voor de portemonnee. Je ziet dat bedrijven investeren in groene energie en iedereen beseft ondertussen dat de energieprijs onbetaalbaar wordt. Men begint eindelijk te reageren. Het enige wat mij verontrust, is dat men iedere keer te laat een stap te zet of een maatregel neemt. Het langetermijndenken gaat er nog steeds niet in.

Heb je spijt van bepaalde beslissingen of uitspraken?

Ik heb fouten gemaakt. Toen we in de regering zaten heeft Groen! te veel gerealiseerd, het ging te rap. De liberalen en de socialisten waren zodanig content dat ze zonder de CD&V regeerden dat wij een zeer groen regeerakkoord uit de brand sleepten. Achteraf bekeken was dat fout omdat onze achterban te grote verwachtingen ging koesteren. Iedereen dacht: we hebben nu een Vlaamse minister van Leefmilieu, morgen is het water proper. Zo werkt het niet, hé. We hadden alles bedachtzamer en rustiger moeten aanpakken.

In '99 werd je Vlaams minister van Landbouw en Leefmilieu. Na de federale verkiezingsuitslag van 18mei 2003 gaf je je ontslag na een fameuze nederlaag.

Mei 2003 was een donkere periode. Een week voor die verkiezingen betoogden de boeren. Het was hallucinant dat Jacques Gabriëls, een coalitiepartner, meebetoogde tegen Agalev en dus tegen mij. Met onze partij werd op een schandalige manier afgerekend, alle onpopulaire maatregelen werden in onze nek geschoven, ook door de kiezer. We haalden amper 2,47procent. Een partij met 2,47procent is niet geloofwaardig en daarom nam ik ontslag. Het was een enorme klap. Ik was enorm ontgoocheld en wilde bijna stoppen met politiek.

Hoe analyseer je vandaag die afstraffing door de kiezer?

Ik ben daar nogal hard in, hoor. De fout lag bij onszelf. Noem het jeugdzonden. Onze communicatie en strategie tegenover de coalitiepartners én de kiezer was niet zorgvuldig. Bovendien lieten wij ons te veel opjagen door onze achterban. De eigen achterban is niet noodzakelijk de kiezer. Je krijgt duizend mails en denkt dat dát de bedenkingen en vragen van Vlaanderen zijn. Dat was fout. Ik heb daar ongelooflijk veel lessen uit getrokken. Eind 2003 werd ik voorzitster van het vernieuwde Groen! en gelukkig zijn wij in 2007 opnieuw in het parlement beland. Het ecologische gedachtegoed is daar op zijn plaats en de overtuiging blijft overeind.

Zou je met wat je nu allemaal weet je politieke leven overdoen?

Ja meteen. Je kan de wereld alleen veranderen via de politiek. Wel zou ik nu economie studeren. Want uiteindelijk draait alles rond de economie, dat wordt vandaag nog eens pijnlijk bewezen met de financiële crisis. Als je naar een ecologische samenleving wil streven, moet je een ecologische economie op poten zetten.(KS)

Bron: Het Nieuwsblad

Hvandeker : een eerlijk , open en daardoor ook mooi en leerrijk interview met iemand die gedreven is, weet waar het over gaat, op lange termijn wil denken en geleerd heeft van de eigen fouten. Nuttig voor de nieuwe groene ' lichting ' die weliswaar de eigen weg zal willen volgen maar hopelijk de raad van Vera meeneemt in het verdere functioneren. Maar het woordje langetermijndenken is belangrijk en m.i. alleen terug te vinden in de groene en ecologische partij waarbij de ecologische economie een steeds prominenter plaats zal innemen. Naast de kwaliteit van het hedendaagse leven... Het Horizoncongres van Groen einde deze maand is daarvoor erg belangrijk.  

12-04-07

Uitnodiging Tupperware Klimaatavond met Hugo van. Dienderen

 

 

 

 

!cid_397041212@30102006-2CF6 

 

52_feature1_en

 

 

 

 

 

Wij mensen in het Noorden zijn ons klimaat aan het veranderen. Of twijfel jij daar nog aan? Hoe kunnen we met het gewijzigde klimaat leven? En hoe ingrijpende catastrofale veranderingen voorkomen? Wat doet de regering en wat stelt Groen! voor? Wat kan een bewuste burger doen? We hebben Hugo Van Dienderen, voorzitter van Groen!Plus, ex VRT-journalist , ex-parlementslid en broer en schoonbroer bij ons thuis uitgenodigd om voor jou een powerpoint presentatie te geven in echte tupperwarestijl. We verwachten dus een klein groepje van 10 tot 15 mensen. In een ongedwongen sfeer met een kopje thee of koffie en een nootje en een gezond koekje kunnen we dieper ingaan op de voorstellen van Hugo. Hij stelt dat de milieuproblemen van de eerste categorie, vervuiling van lucht, water en bodem o.a. dankzij Groen! de programma’s van de andere partijen bereikt hebben. Aan die kwesties wordt gewerkt.

Voor de oplossing van de problemen van de tweede generatie zoals de klimaatsverandering is een fundamentele ommekeer van onze economie nodig.

Zelfs aanpassingen zoals milieueconomen die voorstellen, gaan niet ver genoeg.

We moeten naar een ecologische economie die de grenzen van onze planeet erkent. Die stelling wil Hugo graag met ons bespreken bij ons thuis op vrijdag 20 april om 20 uur.Graag hadden we jou er bij.

Laat je weten of je komt en als je graag iemand meebrengt kan dat ook.

We zien al uit naar deze bijzondere tupperware-avond.

Met vriendelijke groeten,

 

Hugo en Els Van Damme- van. Dienderen

Hoeklaan 27

2180 Ekeren

 

03/646.18.01

0475/999.732

hugo.van.damme@skynet.be

els.van.dienderen@skynet.be

 

 

10-04-07

Het antwoord van Groen! naar aanleiding van het IPCC rapport van 6 april 2007

Klimaat: Groen! wil weg van de doemscenario's

Effecten klimaatverandering tegengaan kan enkel met ambitieus klimaatbeleid

Het VN-klimaatpanel vergaderde deze week in Brussel en presenteerde een nieuw rapport. Het eerste rapport van eerder dit jaar toonde aan dat de klimaatverandering sterk bezig is, en dit vooral door de menselijke activiteiten. Het nieuwe rapport waarschuwt voor de impact van klimaatverandering, vandaag en morgen. Het rapport toont dat we dringend moeten ingrijpen, willen we de ergste gevolgen tegenhouden. Groen! kiest niét voor deze doemscenario's. De ergste gevolgen van klimaatverandering tegengaan kan, als de politieke wereld tenminste eindelijk haar verantwoordelijkheid neemt. Groen! kiest voor een ambitieus klimaatbeleid, dat de ergste gevolgen van het versterkt broeikaseffect kan tegengaan, onze energieonafhankelijkheid versterkt en dat zorgt voor lagere energiefacturen voor iedereen.

"Wetenschappers zeggen al langer dat de uitstoot door westerse economieën gemiddeld met 80 à 90% zal moeten afnemen" stelt Els Keytsman. "Dit wetenschappelijke gegeven, dat ook erkend wordt door het VN-milieuprogramma, valt onmogelijk te verzoenen met ongelimiteerde economische groei. Een klimaatbeleid vraagt dus meer dan wat groene correcties, het gaat om een ecologische omslag." De strijd tegen de klimaatsverandering dwingt ons de groeidwang te verlaten en te kiezen voor een ecologische economie.
In 2050 kan onze economie gebaseerd zijn op schone en hernieuwbare energie. Daarvoor is niets meer nodig dan duidelijke en consequente beleidskeuzes. Technieken en technologie staan klaar. Alleen de politieke moed om ervoor te kiezen, ontbreekt. Overheden kunnen consequent kiezen voor energiebesparing, energie-efficiëntie en energievernieuwing. Minder energieverbruik, minder energieverslindende productiewijzen en een minder gecentraliseerde productie van energie en elektriciteit maken de keuze voor hernieuwbare energiebronnen op basis van zon, wind, water, en duurzame biomassa mogelijk. "Die omslag is niet evident, maar wel realistisch. Wie die uitdaging niet aangaat, kiest de facto voor een doemscenario" weet Bart Staes.

Groen! wil concreet :
1% van het BNP besteden aan klimaatinvesteringen in eigen land concrete klimaatdoelstellingen in een Klimaatwet: minstens 3% jaarlijks minderuitstoot, 30% minder tegen 2030, 50% minder tegen 2050 om uiteindelijk te komen tot 80 à 90% minder uitstoot tegen 2050 deze wet bevat ook concrete doelstellingen voor de inzet van hernieuwbare energiebronnen: 30% hernieuwbare energiebronnen tegen 2050, 50% tegen 2050 de bestaande federale energiefondsen zoveel mogelijk omvormen tot één Sociaal Klimaatfonds voor energie-efficiënte investeringen een ambitieus isolatieprogramma: 400.000 energie-audits, gespreid over 10 jaar, gratis energieleningen voor wie de woning renoveert, en de registratierechten omvormen tot een Klimaatkrediet enkel nog kwaliteit op de markt toelaten: betere productnormen zodat voor elke consument energiezuinige toestellen en elektro binnen het bereik liggen een vice-premier voor Energie, Klimaat, Leefmilieu die ook bevoegd is voor Duurzame ontwikkeling. Een minister die weegt op het kernkabinet en de regering, en die de coördinatie met de gewesten verzorgt.
Groen! kiest niet voor een doemscenario, maar roept iedereen op om rond de tafel te gaan zitten om samen de klimaatverandering tegen te gaan: sociale partners, het ruime middenveld, alle overheden. Een pact van het niveau van het sociaal pact van net na Wereldoorlog II, toen de krijtlijnen voor onze sociale zekerheid in wetten werd gegoten. "We roepen iedereen op om een ecologisch klimaatpact te sluiten. Alleen als iedereen samenwerkt kunnen we de ergste gevolgen van klimaatverandering tegengaan." besluiten Staes en Keytsman.

Bart Staes, Europees parlementslid
Els Keytsman, beleidsmedewerker en kandidaat Kamer (2de plaats Oost-Vlaanderen)

 

Bron : de website van Groen : www.groen.be

 

6439_toparticlephoto

 

05-04-07

In de ecologische economie zal geld minder opbrengen

Geld zal minder opbrengen

Herman Daly over ecologische economie

Daly2

 

28 maart 2007 (MO) - Deze Amerikaanse economieprofessor was medegrondlegger van de ecologische economie, ontwikkelde het begrip “oneconomische groei” en probeerde dat ook meetbaar te maken met zijn Index voor duurzame economische welvaart die de sociale en ecologische kosten aftrekt van de economische groei. Zijn besluit is dat de rijke landen al vele jaren niet meer ”vooruitgaan”.

Toen hij nog hoofdeconomist op de afdeling Milieu van de Wereldbank was, zorgde Herman Daly geregeld voor een hoogst dissonante noot in het heersende discours omtrent economische groei. Die groei is heilig, beweert zowat iedereen, en we moeten ze blijven nastreven om banen te creëren en zo de armoede uit de wereld te helpen. Neen, zeggen de milieudenkers: we moeten de groei juist inperken, willen we de toekomst van onze planeet veilig stellen. Voor Daly is er geen sprake van een dilemma, al is het maar omdat de eerste premisse –dankzij economische groei kunnen we de armoede bestrijden– niet langer meer klopt. Daly: ‘We willen graag rijker worden en denken ten onrechte dat meer groei ons rijker zal maken, zoals dat in het verleden was. Meer groei van het Bruto Nationaal Product (BNP) is nu echter oneconomisch geworden. Het verhoogt sneller de ongemeten ecologische en sociale kosten dan de productievoordelen.’

Toch horen we onze regeringen altijd zeggen: meer groei betekent meer banen en meer banen betekent meer welvaart voor de mensen. Wat is daar onjuist aan?

Herman Daly: Dat is een ingewikkelde kwestie. Vooreerst is nogal wat groei tegenwoordig zeer kapitaalintensief: er wordt zeer veel in machines en dergelijke geïnvesteerd vooraleer dat een job oplevert.  En tewerkstelling is weliswaar een middel om het inkomen te verdelen over de mensen, maar er zijn ook andere middelen. We hebben niet echt zo’n enorme nood aan werk.

Nochtans betekent een baan voor veel mensen niet alleen een inkomen maar ook een identiteit. In onze samenleving lijk je niet echt mee te tellen als je geen baan hebt.

Herman Daly: Dat besef ik. Het verlangen erkend te worden is uiteraard legitiem, maar blijven doorgaan met de economische groei is niet de goede manier om aan dat verlangen tegemoet te komen. Stop er eerst al eens mee zoveel banen te vernietigen. Ik geef een voorbeeld. Vroeger werkten veel lager geschoolde mensen in benzinestations, nu is dat werk door automatisering verdwenen. Zoiets hoef je niet zomaar te ondergaan. Twee staten in de VS – Oregon en New Jersey – hebben betaalautomaten op benzinestations verboden. Dat schept werk. Er zullen nog veel meer jobs ontstaan voor lager geschoolde mensen als we grondstoffen en energie duurder maken. Daardoor zullen we moeten evolueren van een economie waarin we dingen vervangen naar een economie waarin we dingen herstellen. Menselijke energie zal dan opnieuw meer de plaats innemen van machines. Dat zijn weliswaar geen goed betaalde jobs…

België heeft een systeem van dienstencheques ontwikkeld waarin de staat sommige laagbetaalde jobs voor 70 procent subsidieert.

Herman Daly: Perfect. Zoiets moet meer gebeuren.

Als groei oneconomisch is geworden, geldt dat dan op het niveau van de wereld of alleen in de rijke landen?

Herman Daly: Het geldt het meest voor de rijke landen, voor sommige ontwikkelingslanden geldt het zeker niet. Of het op het niveau van de planeet geldt, durf ik niet zo te zeggen.

De Wereldbank liet onlangs een optimistisch geluid horen over de toekomst. Globalisering zal de kloof tussen arm en rijk dempen: tegen 2030 zit China op het inkomensniveau van Spanje nu.

Herman Daly: De Bank zit nog in het oude denken. Ik ga er soms terug en dan leg ik hen een keuze voor. Wat is het beste voor de wereld: dat het Noorden zoveel mogelijk groeit, zodat ontwikkelingslanden er veel kunnen uitvoeren en veel investeringen kunnen aantrekken, of dat het Noorden zijn groei beperkt, zodat de ontwikkelingslanden een groter deel kunnen gebruiken van wat de aarde ons aan diensten en goederen ter beschikking stelt? Wel, de Wereldbank kiest nog altijd voor het eerste.

Waarom zien zij en al die regeringen niet wat u ziet: dat de economie botst op de grenzen van de planeet? Misschien is dat niet zo vanzelfsprekend?

Herman Daly: Ik denk dat het te bedreigend is. Zoals de titel van Al Gore’s film het zegt: het is een ongemakkelijke waarheid. Je moet je manier van denken veranderen: van technisch naar ethisch denken, van efficiëntie naar rechtvaardigheid. Er zijn te veel gevestigde en intellectuele belangen mee gemoeid. Al die belangrijke mensen die hebben beweerd dat groei de oplossing is, zouden dan moeten erkennen dat die stelling niet klopt. Nochtans is het niet moeilijk te begrijpen. De almaar groter geworden wereldeconomie groeit in een eindige biosfeer. Het gevolg is een afname van de capaciteit van het ecosysteem Aarde om ons diensten te verlenen zoals een stabiel klimaat, het vermogen afval op te nemen of het gebruik van grondstoffen. Hoe sterk die capaciteit afneemt, weten we niet precies omdat dergelijke ‘kosten’ niet of in beperkte mate gemeten worden.

Probleem is dat die kosten maar op lange termijn zichtbaar worden. Waardoor het politiek zeer moeilijk is om het beleid daarop af te stemmen.

Herman Daly: We moeten kiezen tussen de biofysische onmogelijkheid van eindeloze groei of de politieke onmogelijkheid van ecologische economie. Ik kies te werken aan die politieke onmogelijkheid, in de hoop dat houdingen kunnen veranderen. Ik betwijfel of de biofysische wetten zullen veranderen.

Hoe moeten we dat probleem dan aanpakken?

Herman Daly: Ecologische economie moet niet alleen de stroom van geld en inkomen in kaart brengen, het klassieke BNP, maar ook de “fysische doorstroom”, de stofwisseling van de economie: hoeveel grondstoffen ze opneemt en  hoeveel afval ze uitstoot. Die doorstroom moet beperkt worden omdat de aarde beperkt is geworden tegenover een almaar groeiende wereldeconomie. De bepaling van de juiste schaal is dus de eerste opgave. Dat gebeurt bijvoorbeeld al wat met het Kyotoprotocol, dat vastlegt wat de totale uitstoot van de rijke landen mag zijn tegen 2012. Een tweede opgave is de verdeling van de rijkdom, essentieel een kwestie van rechtvaardigheid. Het is de taak van de staat om voor die rechtvaardige verdeling te zorgen. Pas op de derde plaats komt het probleem waartoe de klassieke economie zich beperkt: de efficiënte toewijzing van grondstoffen en goederen. De geschiedenis heeft bewezen dat markten daar het best in zijn. Het resultaat van dat soort ecologische economie wordt dat we evolueren van kwantitatieve groei naar kwalitatieve ontwikkeling, van meer en groter, naar beter en rechtvaardiger.

Wat moet een regering doen die in uw visie gelooft? Wat moet er in de plaats komen van de aloude focus op BNP-groei?

Herman Daly: Ik vrees dat we eerst nog meer moeten lijden vooraleer radicale verandering mogelijk is. Maar ik zie twee cruciale, nu al haalbare, beleidsmaatregelen die de economie alvast in de juiste richting kunnen sturen. De eerste is een ecologische belastinghervorming die de doorstroom van natuurlijke hulpmiddelen belast in plaats van de toegevoegde waarde: vervang jaar na jaar de slechtste belasting op arbeid door de best denkbare ecologische belasting. Tweede beleidsprioriteit is het instellen van markten van vervuilingsquota. Bepaal de maximale vervuiling, verdeel die op een eerlijke manier tussen de spelers en laat hen er dan handel in drijven. 

Zo kom je tot een geleidelijke bijsturing van het systeem. Betekent dit dat kapitalisme – en meerbepaald de hang naar een hoge return voor kapitaal– en ecologische economie te verzoenen zijn?

Herman Daly: Als je het formuleert in termen van een hoge opbrengst voor kapitaal, denk ik dat het moeilijk wordt. Een economie zonder groei van de fysische consumptie zal een lagere opbrengst hebben: 3 procent in plaats van 5 procent of 10 procent. Noem het sociaal of ecologisch kapitalisme of iets anders. De term kapitalisme is zo beladen dat ik liever niet op die algemene vraag antwoord, omdat ze snel van de echte problemen afleidt. Wat ik ook antwoord op die vraag, het levert altijd vijanden op.

Wie moet de omslag naar een ecologische economie realiseren?

Herman Daly: In de eerste plaats moeten nationale regeringen in hun eigen belang hun doorstroom beperken. Later kunnen daaruit dan globale instellingen ontstaan.

Is dat niet wat té optimistisch? De VS doen niet mee met het Kyotoprotocol omdat ze hopen dat de klimaatverandering in de eerste plaats anderen treft.

Herman Daly: Op korte termijn kunnen naties inderdaad de kosten op anderen afwentelen. Er is dus meer nodig dan eigenbelang, een hogere set van redenen zoals morele verantwoordelijkheid, rechtvaardigheid en zorg voor de schepping.

De EU trekt aan de mondiale milieukar. De VS zijn de laatste tien jaar eerder een anti-factor. Nochtans gaven de VS in de jaren tachtig nog de toon aan. Wat is er gebeurd?

Herman Daly: De Republikeinse partij is onder invloed geraakt van een reactionaire en plutocratische groep die met haar geld eigenlijk politici heeft gekocht. Het is meteen ook een crisis van onze democratie. Onze universiteiten hebben hun taak van waakzaamheid niet opgenomen. Het curriculum aan de economische faculteiten verandert maar zeer traag. Ook dat heeft met financiering te maken: veel uniefs halen tot 70 procent van hun geld uit de private sector en wiens brood men eet, diens woord men spreekt. Positief is dat sommige staten voor lopen op de federale regering. Misschien levert de Democratische overwinning in het Congres een stapje in de goede richting op.

Zou het een verschil gemaakt hebben indien Al Gore was verkozen in plaats van Bush?

Herman Daly: Vooreerst ben ik van mening dat Gore verkozen wàs, maar dat hem de overwinning ontstolen is, onder meer omdat de broer van George W. Bush gouverneur was in de staat Florida, die de doorslag gaf in de verkiezingen van 2000. Als senator gaf Gore in elk geval al aan dat hij de problemen begreep. Als vice-president heeft hij met die kennis evenwel acht jaar lang niks aangevangen. Toch denk ik dat Gore als president voldoende politicus zou geweest zijn om te weten hoe ver hij kon gaan zonder de steun van de bevolking te verliezen.

Ziet u hoopvolle tekenen in ontwikkelingslanden?

Herman Daly: Ze zijn bezorgd, maar begrijpelijk genoeg zijn ze vooral bekommerd om economische groei. Het goede voorbeeld moet van de rijke landen komen en dat gebeurt maar niet.

U zegt dat uw werk geïnspireerd werd door het christendom, maar ook president George W. Bush noemt zich christen en hij denkt heel anders dan u.

Herman Daly: Het christendom heeft vele stromingen. Eén stroming ziet de wereld als iets tijdelijk waar je niet zo goed voor moet zorgen. Een andere stroming ziet de schepping als veel meer dan evolutie en willekeur en geeft je de verantwoordelijkheid om er zorgvuldig mee om te springen. Maar hoezeer het christendom ook verdeeld is: het biedt een kader om over deze dingen een discussie aan te vatten.

Wat zou u dan aan Bush zeggen?

Herman Daly: Dat we niet zo arrogant moeten zijn om ons de rol van schepper toe te meten en dat het christendom altijd een voorkeur heeft voor de armen. Wel, de armen zullen de eerste slachtoffers zijn van een niet-ecologisch beleid, want zij hebben niet de middelen om zich te beschermen tegen de gevolgen van klimaatverandering.

Is er ook een verandering in filosofie nodig is om een ommekeer te bewerkstelligen?

Herman Daly: Op lange termijn wel, denk ik. We zijn nu teveel bezig de efficiëntie van onze middelen te verhogen terwijl onze doelen niet duidelijk zijn. Met efficiënte middelen verkeerde doelen nastreven, is gevaarlijk. En een doelendiscussie vergt filosofische keuzes.  Maar ik wil dergelijke diepgaande discussies ook niet vroeger in het leven roepen dan nodig. Ze lokken immers dikwijls hevige emoties uit en kunnen daardoor het draagvlak teniet doen dat er nu al is om nu al bepaalde beleidsmaatregelen door te voeren.

Uit MO april 2007

 

Hvandeker : ik heb me in deze beperkt tot het onderlijnen en cursief aanduiden van wat volgens mij de kernpunten zijn van dit betoog, meer niet. Iemand anders zal dat anders zien want dit interview is zo geweldig samengevat, zo gebald, dat er amper een woiord af kan.

03-02-07

Aanbevolen lectuur : Lees hier het Klimaatplan van Groen!

Het Klimaatplan van Groen! lezen wil zeggen jezelf informeren over hoe en op welke termijn België een radicale ommezwaai zou kunnen maken op het gebied van energiebeleid. Aanbevolen literatuur en zelfs warm (!) aanbevolen literatuur voor zij die het ernstig menen met het begrip " ecologische economie " als middel om onze planeet en onszelf ook in de toekomst wat adem te geven. 

http://www.groen.be/nieuwseninformatie/pers/docPersconf/0...

DSC00560

 

14-01-07

Colloquium Ecologische Economie op 24/2/2007 in Brussel, VUB

Volg volgende link en kom alles te weten over dit colloquium, met simultaanvertaling NL-EN.

Het handelt over " Uitdagingen voor de (inter)nationale politieke vertaling van een ecologische economie " ( een mondvol) met 4 gerenommeerde sprekers : Jeroen Van Den Bergh, Andrew Simms, Joan Martinez Alier en Saskia Sassen.

 

http://www.vodo.be/mambo/downloads/070227folder3.pdf

extra informatie  te vinden via :

www.ucos.be

www.terrareversa.be

www.uvv.be

www.vub.ac.be  voor de bereikbaarheid

 

glasbubbels