17-04-13

We zitten aan de grenzen van de vooruitgang

vooruitgang, rutger bregman, knack, groei, john stuart mill

De vooruitgang bekeken door een historicus, Rutger Bregman, in Speakers' Corner, Knack van 10-16 april 2013

Kunnen we eigenlijk wel zonder de vooruitgang, de religie van dit seculiere tijperk ? Groei is de hoeksteen van het moderne denken. De gedachte dat er ooit een einde komt, bijvoorbeeld omdat we al rijk genoeg zijn of omdat de aarde onleefbaar wordt, is voorlopig nog ketterij. Het lijkt wel alsof het kopen van spullen die we niet nodig hebben de definiërende activiteit van het moderne bestaan is geworden. Groei is de enige zingeving die we nog overhebben, maar wezenlijke vooruitgang kan het ons niet meer bieden. Al tientallen jaren is er geen verband meer tussen groei en welzijn.

Dus moeten we ons bezinnen over de geschiedenis van rijkdom, gezondheid, veiligheid en overvloed en dat is duidelijk : we zijn rijker, veiliger en gezonder dan ooit. Maar als we het zo goed hebben, waar komt ons onbehagen dan nog vandaan ? Ik denk dat het de vooruitgang zelf is, waarbij alle overgebleven problemen veroorzaakt worden door die vooruitgang. Dat we steeds dikker worden, komt door de overbevrediging van onze behoefte aan voedsel. De opwarming van de aarde wordt veroorzaakt door de overbevrediging van onze behoefte aan rommel. En als we gestresseerder zijn dan ooit, dan houdt dat direkt verband met de toenemende werkdruk en keuzestress.

Dus moeten we ons bezinnen over de toekomst, maar als we dat doen slaan we het receptenboek van gisteren of vandaag open. Maar dat oude menu biedt slechts harder werken, meer schulden en meer koopkracht. Of we het nu geloven of niet, de grenzen van dat oude vooruitgangsgeloof zijn in zicht. De aartsvader van het liberalisme, John Stuart Mill, stelde : Ik hoop oprecht dat, ter wille van het nageslacht, de mensheid tevreden zal zijn met een stationaire toestand, lang voor de noodzaak haar ertoe dwingt.

Stuiten we niet op de grenzen van de aarde, dan stuiten we op de grenzen van onszelf, van ons vermogen om zin te geven aan ons leven. Het enige wat dan nog rest, is klagen over ons armzalig lot.

Hvandeker : deze man bekijkt een en ander, logisch als historicus,  vanuit historisch perspectief, maar het zou ook een filosoof kunnen zijn, of een groene denker of een moderne, verantwoorde zakenman. En dat zint me wel, zijn redenering snijt hout : de meeste onder ons hebben veel meer dan vroeger en toch voelen we ons niet tevreden. Meer, meer, meer ... dat kan niet eeuwig blijven duren.   

De commentaren zijn gesloten.